Carlo Picornie-cup

Afgelopen jaarwisseling ging weer een telefooncel aan diggelen in het anders zo vredige Katwijk. Dat was de druppel. Burgemeester Van Wouwe is de agressie beu en daarom krijgt het strand van ‘zijn’ Katwijk een vandalenzone. Een vrijplaats waar jongeren zich – als het aan de burgervader ligt – kunnen uitleven en hun agressie op legale wijze kunnen botvieren. Dat wordt dus oppassen van de zomer. Niet zomaar langs het waarschuwingsbord met de knuppel lopen!

De plannen zijn zo goed als rond. Daarom kan ik u, heet van de naald, vertellen hoe het een en ander er in de praktijk gaat uitzien. De vandalenzone bestrijkt een gebied van zo’n honderd bij honderd meter. Centraal staat een houten barak, beschilderd in woeste camouflagekleuren, met daarnaast een handig graffitimuurtje waartegen flessen kapot gegooid kunnen worden. De plaatselijke kringloopwinkel zorgt voor de aanvoer van het meubilair. De sportzaak op het Dorpsplein levert de messen en knuppels. Als het project aanslaat, is het plan om in het hoogseizoen dagelijks een heus werkende telefooncel en een bushokje in de vandalenzone te plaatsen. Met de Nederlandse Spoorwegen wordt nog onderhandeld over de levering van een treinstel.

Inmiddels is het Nederlandse gedoogbeleid uitgegroeid tot het domme broertje van onze eens zo bejubelde consensuspolitiek. Gedogen is hét nationale brevet van onvermogen. Pappen en nathouden. Domweg toestaan wat niet mag, en er verder zo weinig mogelijk woorden aan vuil maken. Dat weet burgemeester Van Wouwe natuurlijk ook. Wie hem met zijn non-beleid confronteert, kan daarom rekenen op een reeks woorden waarachter geen enkele zin schuilgaat. Prietpraat als ‘het monitoren en kanaliseren van agressie’, ‘speerpuntbeleid’, ‘draagvlak’ en ‘proefballonnetje’.

De kale waarheid is echter simpel: voor geweld moet rede wijken. Dáárom komt er een vandalenzone op het Katwijkse strand. Het fraaie van deze nieuwe gedoogvariant is natuurlijk dat het voor iedere gezonde Hollandse jongen een opstapje is naar het meer serieuze werk. Want laten we wel wezen, op uitnodiging van een vriendelijke strandhoekwerker de ruiten uit een telefooncel slaan, dat gaat snel vervelen. En als je eenmaal weet hoe glas rinkelt onder een knuppel, wil je ook wel eens weten hoe een knieschijf klinkt.

Intussen houdt Van Wouwe de moed erin. Hij hoopt vurig dat Katwijk weer snel het rustieke badplaatsje zal worden dat het altijd al was. Niet in de laatste plaats omdat de Rijksvoorlichtingsdienst onlangs bekend maakte dat het koninklijk huis Koninginnedag ‘s ochtends in Katwijk wil vieren. Als vanouds zullen die dag de demonstraties kantklossen, eierpellen en tobbedansen weer te onbenullig zijn voor woorden.

Niet geheel toevallig valt Koninginnedag echter samen met de opening van de vandalenzone op het Katwijkse strand. Op het programma staat een feestelijk treffen tussen de hooligans van Katwijk 4 en Rijnsburgse Boys 8. Beatrix zorgt voor het startschot. Wie wint, krijgt de Carlo Picornie-cup en de hartelijke felicitaties van Willem-Alexander. En prins Claus? die zal zich vertwijfeld afvragen waar hij – in naam van Oranje – nu weer verzeild is geraakt.

2 reacties op “Carlo Picornie-cup”

  1. Haha, gelukkig zijn er dingen die nooit veranderen. Ik ben opgegroeid op de grens tussen Katwijk en Rijnsburg (en uiteraard de boel ontvlucht). Heerlijk die kleinburgerlijkheid!

  2. en wat als ze al die wapens mee de straat op nemen?? dat vraag je om geweld!!!

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar top