column

Hoe schrijf ik een column? 15 tips voordat je begint

Te vaak zie ik lieden die zichzelf ‘columnist’ noemen, in aller haast wat losse gedachten op papier kwakken. Geen opbouw, geen logica, niets. Maar ze noemen het een column. Dat levert bijna altijd bad writing op.

Ik leg je uit waarom.

Als een roman de marathon is, dan is een column de honderd meter sprint. Voor hardlopen geldt: niet iedereen kan een marathon uitlopen, maar met een afstand van honderd meter heeft niemand moeite. Dat is waar. Maar een scherpe tijd neerzetten op de sprint, is weer een heel ander verhaal. Dan moet elke stap perfect zijn, je stijl tot in de puntjes verzorgd.

Dat is de rode draad in onderstaande tips. In het schrijven van een column dien je tijd en moeite te steken, wil je er ooit goed in worden. Oefening baart kunst. En luiheid stelt altijd teleur:

1. Schrijven is nadenken

Meer specifiek: nadenken over hoe je je gedachten op papier gaat zetten. Al kun je het ook omdraaien: je schrijft om na te denken. Je bent dus óók aan het schrijven terwijl je de hond uitlaat, de vaatwasser uitruimt of de ramen zeemt; in gedachten mijmerend en puzzelend hoe je je column straks, als je achter je laptop zit, gaat opbouwen.

2. Schrijven is kijken

En kijken is begrijpen. Als iemand zegt dat je nieuwe buurman een klootzak is, geloof je hem waarschijnlijk niet meteen. Logisch, je hebt geen enkele reden om aan te nemen dat het zo is. Eerst zien, dan geloven. Ervaar je het echter zélf – zíé je het, zogezegd – dan geloof je het wel! Wanneer een Engelsman begrijpt wat je bedoelt, zal hij zeggen: “I see.” Letterlijk vertaald: “Ik zie het.” Oftewel: “Ik zie het voor me, ik kan me er een beeld van vormen.” Dat is ook wat een columnist wil. Het beeld dat hij in zijn hoofd heeft, ‘overbrengen’ in het hoofd van de lezer. Een goede schrijver laat de lezer zíén.

3. Schrijf zoals je spreekt

Een goede manier om te beginnen is: schrijf zoals je spreekt. Levert het lelijke zinnen op? Helemaal niet erg. Immers, je kunt ze achteraf altijd oppoetsen, want herschrijven móét. Veel mensen beginnen echter te schrijven alsof ze een hoogbejaarde ambtenaar of advocaat zijn. Waarschijnlijk met de gedachte: ‘Anders neemt niemand me serieus’. Fout! Het enige wat dat oplevert, is dat jouw teksten er net zo uit zullen zien als alle andere.

4. Organiseer je gedachten

In essentie is schrijven niets meer dan je gedachten op papier zetten. Goede schrijvers zijn goede denkers. Helder, logisch, analytisch. Dat is vaak het probleem waar beginnende columnisten tegenaan lopen. Ze hebben niet geleerd hun gedachten te organiseren, te structureren en daar vervolgens al schrijvende ‘doorheen te werken’. Nauwkeurig, methodisch en analytisch denken is een kunde die je moet ontwikkelen, oefenen en verfijnen.

5. Bestudeer columnisten die jij goed vindt

Zoek uit waarom jij je aangetrokken voelt tot de schrijfstijl van jouw favoriete columnist. Wat maakt diegene zo getalenteerd? Het is een onderzoek naar stijl. Misschien bewonder je een columnist die nooit zinnen schrijft die langer zijn dan – pak ‘m beet – acht woorden. Of iemand die zo goed als nooit bijvoeglijke naamwoorden gebruikt. Hoe is de opbouw van die columns? Combineert hij/zij verschillende zaken met elkaar of juist niet? Wat is de tone of voice? Tegenwoordige tijd, verleden tijd? In de ik- of de jij-vorm? Hoe is de structuur van de zinnen? Gebruikt diegene veel bijzinnen, samengestelde zinnen, komma’s? En uiteindelijk altijd de vraag: wáárom doet hij/zij dat zo?

6. Oefenen, oefenen, oefenen

Oefenen is heel belangrijk. Luister maar eens naar een musicus die pas sinds drie jaar een muziekinstrument speelt en naar eentje die zijn hele leven al niets anders doet. Je hoort het verschil. Precies zoals de lezer – al dan niet onbewust – het verschil ervaart tussen een goede en matige tekst. Kortom: oefening baart kunst. Een betere columnist worden is net als een betere gitarist worden. Oefenen!

7. Begin klein, met een goede zin

Daarna een goede alinea en zo verder. De weg naar het columnisme is enkel geplaveid met woorden. Mooie zinnen, lelijke zinnen. Probeer ook de lelijke zinnen te waarderen, want vanuit lelijke zinnen ontstaan weer mooie zinnen. Bijna geen enkele zin is in zijn allereerste versie perfect. Dus schrijf veel. En herschrijf nog meer. Alleen zo vergroot je de kans op zinnen die wél in eerste aanhef perfect zijn.

8. Tijd en moeite

Iets creëren dat de moeite waard is, is hard werken. Ik ken geen enkele schrijver die in één keer zijn tekst goed schrijft. In één keer je tekst goed schrijven, is veel eerder een eufemisme voor je tekst op papier kwakken en er vervolgens niet meer naar omkijken. Schrijven? Daar moet je tijd en moeite in steken. Luiheid stelt altijd teleur.

9. Luiheid zorgt voor inspiratieloze teksten

En inspiratieloze teksten staan vol met clichés. Clichés zijn uitdrukkingen die te pas en te onpas worden gebruikt. Een tekst boordevol clichés doet de lezer geeuwen. Hier, een filmpje:

10. De basis van elke goede column is verrassing

Het zijn verrassende teksten die de aandacht trekken. Helemáál wanneer je een column schrijft voor een ‘niet-creatieve’ branche, zoals een zakenblad of een business website. Je hoeft echt niet creatief te zijn om op te vallen. ‘Verrassing’ vergt gewoon iets anders dan datgene wat iedereen al doet. Minder formeel zijn is alvast een goed begin.

11. Schrijven is simpelweg werken

“Mijn inspiratie om te schrijven haal ik uit paprika,” zei Mark Twain ooit. Waarmee hij enkel wilde zeggen dat inspiratie zwaar wordt overschat. Schrijven is simpelweg werken. Een kwestie van doorzettingsvermogen, van zitvlees. Schrijven is niet voor niets een werkwoord. Daarom kun je maar beter zorgen dat je plezier hebt en houdt in schrijven.

Weet je wat? Doe anders deze test eens. Dan weet je het! 😉

12. Internet

Vroeger moesten columnisten vaak op reis. Nu niet meer. Dankzij internet heb je de hele wereld onder de knop. Speelt je column zich af aan de Britse kust? Ga naar Google Streetview en beschrijf wat je ziet. Schrijf je een monoloog van Wilders? Kijk wat YouTube-video’s waarin hij oreert en noteer zijn meest kenmerkende woorden en uitdrukkingen.

13. Smaken verschillen nu eenmaal

Bang om anderen je werk te laten lezen? Dat is dom. Láát anderen jouw werk lezen. Zoveel mogelijk. Ik hoor columnisten in spé vaak zeggen: “Ik ben nog niet goed genoeg om te publiceren.” Wellicht. Toch is mijn antwoord dan altijd: “Laat dat oordeel maar aan de lezer over.” Jouw taak is schrijven. Dus nooit zelf je werk afkeuren. Kranten en tijdschriften hebben redacteuren in dienst. Laat hen het maar doen. En bedenk altijd: wat de één prachtig geschreven vindt, vindt de ander helemaal niets. Smaken verschillen nu eenmaal. Of beter gezegd: niet elke column is voor iedereen.

14. Er zijn vele manieren waarop je een column kunt schrijven

Waar het om gaat, is dat jij de manier vindt die bij jou past. Ik kan je alleen vertellen hoe ik het doe, hoe anderen het doen en hoe ik (diep van binnen) vind dat je het zou moeten doen. Het is nooit te laat om te beginnen. Je schrijven wordt alleen maar beter naarmate je ouder en wijzer wordt. Probeer het op zijn minst! Dan leer ik je een columnist te worden, niet er één te zijn.

15. Tot slot

Je computer doet er niet toe. Columns schrijven draait niet om de peperdure MacBook die je hebt, of om de nieuwste Word-versie, of om al die andere honderden tekstverwerkers die op de markt zijn. Allemaal onzin, allemaal ruis. Elke computer volstaat. Elke tekstverwerker ook. Schrijven is namelijk iets anders dan typen. Hopelijk heb je dat nu door. Schrijven is een kans om begrepen en herinnerd te worden. Ga daar dan ook zorgvuldig mee om.

Eerste pagina van het door George Orwell geredigeerde manuscript van ‘1984’

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar top