Vogels kijken, een passie voor het leven (1)

Het is niet onopgemerkt gebleven. Maar liefst 53 mailtjes ontving ik naar aanleiding van mijn vogelspotvakantie, waarvoor mijn hartelijke dank.
Zo kreeg ik mail van ene Niek Meinema, die zichzelf omschrijft als een “18-jarige ex-vogelspotter”. Hij beweert dat de Hop geen familie is van de Roerdomp. “De Roerdomp is een reiger, en de hop komt dichter in de buurt van de ijsvogels.” En even verder: “Wat de Roodpootvalk betreft, een vrij onduidelijke foto, maar toch kan ik met zekerheid zeggen dat u een buizerd op de foto gezet heeft.”

Zelden zoveel prietpraat bij elkaar gelezen. Geen wonder dat Niek ex-vogelspotter is. De Hogeschool van het Vogelspotten is overduidelijk niet aan hem besteed. Niek kijkt af en toe naar de vogels in zijn tuin, maar gaat niet – zoals ik – op zoek gaan naar bepaalde soorten in afgelegen gebieden, hetgeen een gedegen voorbereiding vereist.

Ik kan het niet vaak genoeg benadrukken: een goede vogelspotter let op elk detail. Hij ziet hoe gecompliceerd het schijnbaar saaie verenkleed van een Winterkoning in werkelijkheid is. Waar Niek Meinema een groep ganzen ziet, daar zie ik of het Grauwe Ganzen, Rietganzen of Kolganzen zijn. Kortom: waar gewone mensen kijken, maar niets zien, daar ziet de ervaren vogelaar álles.

Sterker nog: had onder het cabinepersoneel van de DC 10 ook maar één vogelaar gezeten, dan zou deze direct hebben gezien dat de twaalf luidruchtige Indiërs géén terroristen waren. Maar nee, de stewardessen keken wel, maar zagen niets. Of hooguit zagen ze mannen met baarden en jurken. Blijkbaar voldoende om met het hele toestel rechtsomkeer te maken.

Dat is dus Nederland tegen terrorisme anno 2006. “Wat kunt u doen?” wordt er gevraagd. Ik denk dat vogelaars heel veel kunnen doen. Zij kunnen die 200.000 professionals die wel kijken, maar blijkbaar nauwelijks iets zien, nog heel veel leren. Ik zal hier serieus actie op ondernemen.

Nee, dan het mailtje van Arthur van Son uit Amstelveen. Van hem kunnen die 200.000 professionals nog heel wat leren. Arthur is een van de bekendste reageurders op GeenStijl (hij verzocht me uit privacy-overwegingen zijn nickname niet te vermelden) én een fervent en kundig vogelliefhebber. Als attachment mailde hij me een foto van zichzelf met een jonge bosarend (Harpyopsis novaeguinae) in de armen.

“Beste meneer Koelman, graag wil ik u komplimeteren [sic] met uw fotoserie waarin uw hobby vogels kijken zo mooi aan bod komt. Ik heb er van genoten en wil u zeggen dat wat ik op GS schreef niet gemeent [sic] is.”

Verder wil Arthur graag weten waarom niet alle vogels evenveel eieren leggen. “Duiven leggen maar twee eieren en pimpelmezen vaak meer dan een dozijn.”

Nou Arthur, dat heeft natuurlijk alles te maken met de evolutie. Pimpelmezen leggen meer eieren omdat ze meer vijanden hebben en dus ook een hoger sterftecijfer onder de jongen. Bovendien leven pimpelmezen korter dan duiven, dat speelt ook mee.

De grootste verrassing in mijn mailbox was echter de uitnodiging van Vogelbescherming Nederland die ik afgelopen woensdag mocht ontvangen. Zij nodigden mij uit deze zondag als mystery guest aanwezig te zijn op hun Vogelfestival 2006. De aard en inhoud van een eventueel optreden mag ik zelf bepalen. Voor wie komt kijken: ik ben er al vanaf een uur of 10 ‘s ochtends en te herkennen aan mijn zwarte GeenStijl T-shirt. En Anja is er natuurlijk ook.
Volgende week meer!

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar top