Epic Fury

De militaire aanval op Iran heeft van het Pentagon de codenaam Epic Fury gekregen. Ik moest even gaan liggen toen ik dat las, omdat ik steeds opnieuw die twee woorden probeerde te begrijpen.
Epic Fury. Dat klinkt als een actiefilm die nooit in de bioscoop is uitgebracht, maar direct op dvd. Of als een energiedrankje dat je koopt bij een tankstation langs de snelweg. Of als Chinese erectiepillen, te bestellen via AliExpress. Honderd stuks voor 1,99.

Hoe komt het Pentagon op zo’n idiote codenaam? Ik verdenk Pete Hegseth, de minister van Oorlog. Terwijl vliegdekschepen opstoomden richting Iran, zat hij achter zijn bureau. Spreadsheet open, twee kolommen.
Links de bijvoeglijke naamwoorden: Epic, Iron, Blazing, Total, Enduring, Supreme.
Rechts de zelfstandige naamwoorden: Fury, Thunder, Hammer, Storm, Justice. En dan maar schuiven, net zolang tot het lekker bekt.
Epic Fury werd het.

Een naam die klinkt als de toorn der goden. Je denkt aan iets groots en rechtvaardigs, iets bijna mythisch. Als vanzelf hoor je de stem van Morgan Freeman in een filmtrailer. Je ziet een adelaar in slow motion klapwiekend door een explosie vliegen. Je denkt aan alles, behalve aan een kruisraket die inslaat op een meisjesschool in Minab, stof dat neerdaalt op rugzakjes tussen het puin. En dat is ook precies de bedoeling.

Op de havo zat ik naast een jongen die ook goed was in namen verzinnen. Niet voor militaire operaties, maar voor zijn ooit op te richten rockband. Hij heette Stefan, had lang haar en een leren jack dat hij (gelukkig) nooit uitdeed. Tijdens aardrijkskunde tekende hij grote blokletters in de kantlijn van zijn collegeblok.

Iron Collapse.
Nasty Eclipse.
Shattered Crown.

Sommige namen streepte hij door, of zette er een vraagteken bij en begon weer opnieuw. Als hij een naam écht mooi vond, tekende hij er likkende vlammen omheen. En door elke klinker een bliksemschicht. Altijd met het puntje van zijn tong tussen de lippen, zoals jongens doen als ze iets maken waarvan ze denken dat het belangrijk is. Ja, Stefan geloofde dat een goede naam het halve werk was. Daarna zouden de platendeal en het leven dat erbij hoorde vanzelf wel komen.

Afgelopen week googelde ik hem en vond zijn profiel op LinkedIn. Hij was al vier jaar dood. Stefan had zijn hele leven gewerkt bij een verzekeringsmaatschappij in Houten. Ik staarde een tijdje naar zijn profielfoto. Kort haar, keurig overhemd. Hij keek zoals mensen altijd kijken op LinkedIn, met een gezicht dat het bestaan had geaccepteerd zoals het was.
Maar Epic Fury had hij vast prachtig gevonden.

Net als Hegseth. Die is vast alweer bezig met de volgende codenaam, starend naar zijn Excelsheet. De cursor knippert. Hij mompelt zachtjes voor zich uit, weegt de namen, proeft de woorden.
En buiten, ver weg, in een stad die hij waarschijnlijk niet eens kan aanwijzen op een kaart, zoekt een moeder haar kind onder het puin.

Luuk Koelman
Luuk Koelman

Columnist (o.a. voor Nieuwe Revu), ghostwriter en schrijfcoach. Ik werk voor mensen die graag schrijven én voor mensen die liever niet schrijven.

Abonneer je op mijn gratis nieuwsbrief!