Er is goed nieuws uit Iran. Als je straks door de Straat van Hormuz wil varen, betaal je geen tol, maar servicekosten. Dat heeft een woordvoerder van het Iraanse ministerie van Buitenlandse Zaken gezegd. Ik heb aandachtig naar hem geluisterd en vond het een helder verhaal. Je betaalt voortaan alleen nog voor navigatiediensten, milieubeschermende maatregelen en, ik citeer, “andere noodzakelijke diensten.” Ik vind dat een prachtige term. Elke rederij mag zelf bedenken wat Iran daaronder verstaat. Zolang ze maar betalen.
Want de zeestraat is nu eenmaal deels van Iran, dus als je daar toevallig doorheen wilt, betaal je voor de service. Zo gaat het ook bij de stomerij bij mij om de hoek. Zo gaat het overal.
Dus ik verwacht dat Teheran ook met een bonuskaart komt. Het werkt dan net als bij de Appie. Daar scan je je pas en krijg je korting op de humus, en bij de Revolutionaire Garde op de servicekosten. Ik stel me er een reclame bij voor. Harry Piekema op een tanker, die aan de kapitein vraagt of hij al spaart. Of meneer wel weet van de dubbele punten deze maand? Plus gratis bij elke vijf doorvaarten: een mannetje met een raketwerper. Die kun je dan op de boeg van je olietanker zetten. Een soort wuppie, maar dan anders. Spaar ze allemaal!
De Amerikanen mopperen over afpersing, maar de Iraniërs spreken liever van een loyaliteitsprogramma. Gelijk hebben ze. Het mooie aan Iran is dat ze daar weten wat ze willen: geld. De Straat is open voor iedereen die servicekosten betaalt. Kijk, dat is helder. Daar kun je op bouwen.
Met Trump is dat anders. Die weet absoluut niet wat hij wil. In april vond hij het heffen van tol nog een prachtidee. Hij had het over een joint venture met Iran. “A beautiful thing,” want er viel “big money” te verdienen. Het volgende moment moest het onmiddellijk afgelopen zijn met die tol. Waarna hij in een interview met The New York Times meldde dat de Verenigde Staten wel de “Guardian of the Middle East” konden worden, in ruil voor 20 procent van de inkomsten van de regio. Niemand reageerde.
En toen lekte het vredesakkoord uit. Veertien punten, keurig genummerd. Punt acht is mijn favoriet. Daarin “herhaalt” Iran dat het nooit kernwapens zal maken. Herhaalt. Dat woord alleen al. Want de vorige ayatollah had daar al een fatwa over uitgevaardigd, in 2003, en die in 2010 nog eens herhaald: geen kernwapens. En nu herhaalt de Iraanse overheid het nog maar eens. Drie keer dezelfde belofte.
Die ayatollah leeft trouwens niet meer. Doodgebombardeerd op de eerste dag van de oorlog die gevoerd werd om de kernwapens te voorkomen die zijn fatwa al verboden had. En nu krijgt Iran dus 300 miljard dollar. Wederopbouw, heet dat. Van de VS, al zal Trump dat wel weer ontkennen. Maar potje breken is potje betalen.
Iran wist precies wat het wilde en heeft het gekregen. Best wel knap eigenlijk. Het is The Art of the Deal, maar dan in het Perzisch. En de schrijver heet níét Donald Trump.

