Ik las dat toeristen die naar de VS willen, straks vijf jaar aan sociale media-geschiedenis moeten overhandigen. Instagram, Facebook, Twitter, TikTok, WhatsApp, de hele zooi. Plus een selfie. En bij aankomst ook nog eens je vingerafdrukken, DNA en een irisscan. Alsof je landing op JFK in werkelijkheid een voorgeleiding is.
Vijf jaar. Dat is een halve eeuwigheid op internet. Jaren waarin je van alles hebt gepost en geliket. Een compleet dossier van wie je was toen je dacht dat geen overheid meekeek. Genoeg om van iedereen een veiligheidsrisico te maken.
Sta je dan bij gate C17, paspoort in de hand. Je wordt apart genomen. Een douanebeambte leidt je naar een klein kamertje. Daar zit een meneer van Homeland Security. “Sir, would you care to explain this laughing emoji?” Hij schuift een geprint screenshot naar je toe: 14 maart 2021, toen je ‘LOL’ tikte onder een video van iemand die stomdronken, met een Amerikaanse vlag om de schouders, over een barbecue lazert. Nog een screenshot. Een oude tweet waarin je iets denigrerends schreef over Home Alone 2, die film waarin Donald Trump tien seconden in beeld is.
Entry denied. Terug naar je polderlandje, vriend.
Het zal het toerisme wel kapotmaken, hoor je dan. Maar misschien is dat ook de bedoeling. Amerika wil niet meer gezien worden. Het trekt de gordijnen dicht, zoals iemand die zijn huis heeft laten verloederen en geen bezoek meer wil. Kom maar niet kijken. En als je tóch aanbelt, gaat de deur op een kier. Roepen ze “liberty” en “freedom,” met een pistool in de hand.
Ik dacht aan wijlen mijn vader. Hij zat nooit op sociale media. Geen Facebook, geen Instagram, niets. Indertijd vond ik dat raar. Maar nu denk ik: wat een geluk. Hij heeft niets achtergelaten dat tegen hem kan worden gebruikt. Geen domme grappen, geen halfdronken opmerkingen, geen foto’s van een bord pasta. Zijn nalatenschap is schoon. Onaantastbaar. Geen algoritme dat kan graven in zijn verleden.
Ooit vroeg ik hem of hij niet op Twitter of Facebook wilde. Hij keek me aan alsof ik voorstelde hem een tatoeage te geven: “Waarom zou ik andere mensen lastigvallen met mijn eigen leven?”
Ik had geen antwoord. Want wat doen we op sociale media anders dan onszelf in stukjes uitdelen aan wie maar wil kijken? Een foto hier, een opmerking daar. Duizenden kruimels identiteit die nu door een AI bij elkaar worden geveegd tot een officieus dossier.
Mijn vader heeft nooit een emoji verstuurd. Zijn leven was niet bedoeld om terug te lezen. Hij bestond in gesprekken die konden worden vergeten. Als hij in de trein stapte, was hij ook echt weg. Geen digitale schaduw, niets. Hij leefde zonder publiek.
Pa was vrij zonder het te weten.
En ik? Ik ben vindbaar.

